agenda voor de stad van de toekomst

Sociale economie

‘Om onze economie te democratiseren, moeten we beheer krijgen over kapitaal, over onze banken, ons land en eigendom. Onder controle van echte mensen en gemeenschappen zodat die erover kunnen besluiten.’Marjorie Kelly, vice-president Democracy Collaborative

‘Om onze economie te democratiseren, moeten we beheer krijgen over kapitaal, over onze banken, ons land en eigendom. Onder controle van echte mensen en gemeenschappen zodat die erover kunnen besluiten.’Marjorie Kelly, vice-president Democracy Collaborative

Een rechtvaardige, sociale economie dient het welzijn van mens en planeet: 6 transities.

Dit zijn de opbrengsten van tientallen gesprekken, discussies en uitwisseling van Cities for Change.  Door uiteenlopende deelnemers en organisaties uit Amsterdam en andere steden in Europa.

Het hangt allemaal samen. Woningcrisis. Ongelijkheid, sociaal en financieel. Energiearmoede. Uitputting van de aarde. Klimaatcrisis. Gentrificatie die mensen met minder geld de wijk of de stad uitduwt. Geld dat de stad uitstroomt naar internationale bedrijven en aandeelhouders. Platformwerkers die slecht betaald krijgen en slechte contracten hebben. Maatschappelijke en burgerinitiatieven die moeten bedelen om subsidie terwijl bedrijven grote belastingvoordelen krijgen. Bedrijven die meer invloed op gemeentebeleid hebben dan burgers.

Ambitie & transitie

Een rechtvaardige, sociale economie dient het welzijn van mensen en de planeet. Dit vergt een systeemverandering – de draai maken om niet alles in ons menselijk bestaan als een transactie en markt te zien, maar uit te gaan van wat ons waarde en welzijn geeft.

Waarde is meervoud: geld, werkgelegenheid, lokaal ondernemerschap, veiligheid, gelijkheid, samenwerking, opleiding, gezondheid, natuur, leefbaarheid, sociale netwerken. En waarde verschilt per stad, wijk of buurt. Hierbij moeten bewoners en niet bedrijven het meest voor het zeggen hebben. Deze zogeheten meervoudige waardecreatie is een gelaagd en complex proces. De kern is te voorzien in onze essentiële behoeften: zorg, water, energie, voedsel, onderwijs, huisvesting, publieke ruimte, openbaar vervoer en mobiliteit.

Dit zijn de opbrengsten van tientallen gesprekken, discussies en uitwisseling van Cities for Change. Door uiteenlopende deelnemers en organisaties uit Amsterdam en andere steden in Europa.

‘Op een andere manier met de economie omgaan, het dominante verhaal veranderen: dat is een veelvoudig ding, geen knop die je omzet.’Rutger Groot Wassink, wethouder Sociale Zaken in Amsterdam

‘De economie is een sociale wetenschap, gemaakt door mensen en kan veranderd worden door mensen.’Marieke van Doorninck, wethouder Duurzaamheid in Amsterdam

Aanbevelingen

  1. Bloei in plaats van groei Inclusief een instrument dat meet en monitort – want cijfers zijn nodig voor analyses, keuzes in beleid en politiek, en sturing.
    Groei en het bruto binnenlands product (bbp), de pijlers van de huidige economie, zijn eenzijdig en gaan vooral over geld. Bloei omvat de waarde van de stad en het welzijn van haar bewoners. Waarde en welzijn zijn breed: geld, werkgelegenheid, lokaal ondernemerschap, samenwerking, opleiding, gezondheid, natuur, leefbaarheid, sociale netwerken enzovoorts.
    Beleid en politiek moeten sturing kunnen geven aan de sociale economie en daarvoor is iets anders nodig dan het bbp. Zoals de Brede Welvaartsmonitor of een dashboard voor de welzijnseconomie met meerdere en gelaagde indicatoren – aangeraden door steeds meer economen en grote instituties als OESO.
  2. Van de markt als leidend principe naar een economie van essentiële voorzieningen Zorg, water, energie, voedsel, onderwijs, huisvesting, publieke ruimte, openbaar vervoer en mobiliteit: allemaal te belangrijk om exclusief aan de markt over te laten en ze kunnen niet stilgelegd worden zonder ons bestaan te schaden. De belangrijkste taak van een (lokale) overheid is om die essentiële voorzieningen veilig te stellen. Inclusief fatsoenlijke lonen en voorwaarden voor de mensen die die basisbehoeften leveren. En op een manier die klimaat en milieu beschermt.
  3. van ongelijkheid achteraf naar beter verdelen vooraf Er is geen gebrek aan rijkdom, die is alleen erg ongelijk verdeeld en het verschil tussen rijk en arm en de sociale ongelijkheid worden groter. Een kleine groep multinationals en bewoners heeft te veel kansen en wordt steeds rijker, de (financiële) welvaart aan de top sijpelt niet naar beneden door, de middenklasse wordt eruit gedrukt.
    Anders verdelen dus, door zogeheten predistributie of distributive by design: de economie zo inrichten dat we de waarde die we in onze economie scheppen, vanaf het begin delen. Dat gaat om geld, maar ook om land, bedrijven, technologie, kennis.
  4. van topdown naar bottom-up: democratisering van de stadseconomie Heel veel economisch beleid is gunstig voor grote private ondernemingen, door bijvoorbeeld belastingvoordelen en vestigingsbeleid. Maar zij hebben vaak geen binding met de stad of de wijk en geven nauwelijks iets terug aan de stad en haar bewoners.
    Een democratische en rechtvaardige economie zoekt het dan ook onderop. In de juiste balans van burgers, overheid, markt, lokale bedrijven, sociale ondernemingen, coöperaties, commons, buurtcollectieven en -netwerken. Om waarde in een stad of wijk te scheppen, en die weer te laten terugstromen naar bewoners.
  5. van publiek-privaat naar publiek-civiel: burgers zitten aan de beslissingstafel De overheid verlegt de samenwerking: waar ze nog vooral samenwerkt met grote private bedrijven in publiek-private partnerschappen (PPP’s), komen PCS’s, publiek-civiele samenwerkingen van de grond. De C kan ook staan voor collectief, coöperatief, commons of community. Zo beslissen georganiseerde bewoners en werknemers – inclusief de toekomstige generaties – collectief mee en hebben een sterkere eigenaarschap, vooral in de essentiële voorzieningen. En in plaats van aandeelhouders profiteren bewoners van de opbrengsten van de economie.
  6. van extractie naar circulair, van uitputting naar herstel Of het nu om energie, grondstoffen of de stad gaat: we leven nu in een model van extractie, van take-make-use-lose. Energie is nog te veel fossiel en de groei van fossiele industrie telt gunstig mee in economische groei. Grondstoffen gaan op aan eenmalig gebruik. En grote bedrijven en internationale investeerders maken winst in de stad voor bankrekeningen elders.
    Een circulaire economie is regeneratief, herstellend. Op alle niveau’s. Uiteraard gaat het om zo min mogelijk waardevolle materialen en grondstoffen verliezen om goederen en voedsel te produceren. Energie komt uit hernieuwbare bronnen, met een rechtvaardige en sociaal-ecologische transitie. En circulair betekent ook financieel circulair: waarde blijft in de stad omdat opbrengsten van de economie terugstromen en weer geïnvesteerd worden in de stad en haar bewoners.

Ten slotte Deze aanbevelingen danken hun bestaan aan visies uit de welzijnseconomie, zorgzame economie, ontgroeibeweging, feministische economie, commons en donut … Allemaal neven, nichten, broers en zussen van de sociale economie, zoals activist en econoom Katherine Trebeck uitlegt.

Voor deze transities zijn er volop strategieën, methoden en modellen. Lees ook:

‘Op een andere manier met de economie omgaan, het dominante verhaal veranderen: dat is een veelvoudig ding, geen knop die je omzet.’Rutger Groot Wassink, wethouder Sociale Zaken in Amsterdam

Waarom is een sociale stadseconomie nodig?

In vrijwel alle discussies op Cities for Change kwam één visie het meest terug: eenzijdig streven naar groei van het bruto binnenlands product (bbp) is volledig achterhaald. Bbp misleidt en verhult. Bijvoorbeeld door stijgende huizenprijzen positief mee te tellen, onderwijs en zorg als kostenposten op te voeren, en kosten voor milieuschade te negeren. En het maakt de groeiende ongelijkheid in de stad onzichtbaar die grote groepen Amsterdammers treft. Verder blijkt dat (financiële) welvaart aan de top niet naar beneden doorsijpelt, zoals lang is aangenomen.

Dat we toe moeten naar een economie die welzijn – of brede welvaart – dient, is al breed gedragen in samenleving en wetenschap. Daar horen ook beleidsinstrumenten bij, zeker op stedelijk niveau.

Verder lezen, luisteren of kijken

Klimaat en energie

Democratische wijkeconomie

Huisvesting

Amsterdamse donuteconomie

Publieke ruimte

Digitale democratie

Translokale samenwerking

Migratie